Nieuwsbrieven‎ > ‎

Nieuwsbrief 08 - 2007

ISPS Netwerk Nederland-Vlaanderen

Nieuwsbrief no. 8, december 2007

Aankondiging netwerkconferentie 10 oktober 2008 te Kortenberg.


        Op 10 oktober 2008 zal het Universitair Centrum Sint Jozef in Kortenberg in samenwerking met ISPS-Netwerk Nederland-Vlaanderen een conferentie organiseren over snelle opvang van vroege psychose. ‘Vroege psychose’ is een relatief nieuw gebied in de geestelijke gezondheidszorg. Vroegtijdige interventie van vroege psychose wordt grotendeels gebaseerd op toenemende wetenschappelijke bevindingen en op de klinische ervaringen van vroege psychose diensten (Amerika, PRIME; Canada, NAPLS; Australië, EPPIC en PACE; Engeland, OASIS en EDIE; Noorwegen, TIPS; Denemarken, OPUS; Duitsland, FETZ; Nederland, VORS;  en een Europees project EPOS ).  Speciale aandacht voor de vroege fases van  psychotische stoornissen is verantwoord omwille van drie redenen (International Early Psychosis Association writing group, 2005):
1. De klinische zorg voor mensen met een eerste psychotische episode wordt vaak uitgesteld, verloopt soms inadequaat en verbrokkeld of kan zelfs bruusk en traumatisch zijn (bijvoorbeeld bij gedwongen opname). Sommige psychotische patiënten krijgen nooit behandeling.
2. Een toenemende evidentie suggereert dat er grote voordelen zijn aan effectieve secundaire preventie welke de morbiditeit en de mortaliteit eigen aan psychotische stoornissen substantieel kan verminderen.
3. Epidemiologisch, neurobiologisch en psychosociale research van vroege psychose kan de vroege interventie en secundaire preventie faciliteren en een betere behandeling mogelijk maken.
Hoewel er geen eenvoudige definitie bestaat van het concept ‘vroege psychose’ wordt wel een duidelijk beginmoment aangenomen. Onder vroege psychose verstaat men zowel de periode waarin zich prodromale verschijnselen voordoen, als de kritische periode van de psychose zelf  en de eerste vijf jaar vanaf het begin van de behandeling van de eerste psychotische episode of de herstelfase.

        De vroege interventieprogramma’s die zich de laatste decennia overal in de wereld hebben verspreid, situeren zich van ‘vroegdetectie van schizofrenie door screening bij de algemene bevolking’ naar een ‘snelle opvang van vroege psychose bij at risk patiënten in de tweede lijn’. Verschillende vragen duiken immers op: wanneer heeft detectie van hoogrisicofactoren voor een eerste psychose zin? Is een psychose toxisch voor de hersenen? Treden er effectief irreversiebele veranderingen op wanneer een psychose onbehandeld blijft? Leidt vroegdetectie niet tot een onnodig stigmatiseren en vals positieven? Welke interventies zijn in welk stadium van de vroege psychose aangewezen? Deze en nog vele andere vragen zullen tijdens dit symposium aan bod komen.


Psicosis Y Relaciones Terapéuticas

        De therapeutische relatie met psychotici, verslag van Margreet de Pater van studiedagen op 22, 23 en 24 november 2007, georganiseerd door de psychiatrische afdeling van de universiteitskliniek Gregorio Maranon en de Spaanse afdeling van het ISPS. Deelnemers ongeveer 200.

De Spaanse psychiatrie geniet weinig bekendheid in Nederland. Nederlanders lezen geen Spaans en Spaanse collega’s publiceren relatief weinig in het Engels. Ik had goede ervaringen opgedaan met het internationale ISPS congres dat in 2006 door de zelfde afdeling was georganiseerd, dus wie weet zou ik wat kunnen leren van mijn Spaanse collega’s?
Van netwerken is met mijn 3 woorden Spaans weinig terecht gekomen. Van de Spaanse sheets werd ik weinig wijzer maar er was een keurige simultane Engelse vertaling over de koptelefoon en er waren internationaal bekende Engelse sprekers die in Nederland niet of nauwelijks bekend zijn. Via dit verslag hoop ik daar wat aan te doen, want alle sprekers hebben hun professionele loopbaan besteed aan het tot stand brengen van goede psychologische therapie voor patiënten met schizofrenie en het ook nog geëvalueerd, zij niet altijd met RTC’s.
De enige lezing die mij een beetje tegen viel was die van dr. Manuel Chávez hoofd van de afdeling psychiatrie van de universiteitskliniek over therapeutische relaties. Beginnend met de constatering dat in de psychiatrie de patiënt als persoon zo weinig gezien wordt (ja, dat weet ik nou wel), liet hij zowat alle psychoanalytici die ooit iets gepubliceerd hebben de revue passeren. Dit liet bij mij de indruk achter, dat ik te maken had met een buitengewoon geleerd man, maar verder werd ik er niet wijzer van. Geen woord wijdde hij aan de problemen, waar de gewone geestelijke gezondheidszorgwerker tegen aanloopt in het contact met psychotische patiënten en wat hij daaraan kan doen. Maar misschien was dat laatste ook niet de bedoeling.
Veel leuker was de lezing van mevrouw Rosa Cubillo López, professor creatieve expressie van de kunstacademie van de ULL. Dit ging over een experiment waarbij zij workshops gaf aan chronische patiënten. Deze werden een op een begeleid door studenten van haar academie. Zij hielpen hen met het uitvoeren van voorgestructureerde opdrachten. Een mooi voorbeeld van maatschappelijke integratie! Wij werden vergast op de tekeningen die Robert maakte gedurende de twee jaar dat hij aan de workshop deelnam, die een keer per week plaatsvond. Aanvankelijk tekende hij niet meer dan een paar lijnen. Hij gebruikte later kleuren, maar bedekte die vervolgens weer met zwart. Aan het eind van de twee jaar zagen we hem verwoed bezig de contouren van zijn op een papier geprojecteerde gestalte te omlijnen. Hij gumde het weer uit en werd er wanhopig van. Mevrouw Rosa verbood hem vervolgens de stuf te gebruiken. Hierop maakte hij een kleurig zelfportret. Op de foto’s zagen Robert en zijn medecursisten er ook steeds fleuriger uit. De sessies werden besloten met een gezamenlijk gemaakt levensgroot schilderij van de hele groep.
Ook in Spanje t.w. in Asturië, een gemengd stedelijk en landelijk gebied, wordt Assertive Community Treatment bedreven resulterend vooral in een dramatische daling van de opname dagen. Het verhaal van Juan José Martinez Jambrina maakte een degelijke indruk: Angelsaksisch in zijn soberheid gecombineerd met cijfers.
Hij en ook de volgende sprekers refereerden naar een wet op het gebied van de geestelijke gezondheidszorg die in 1986 in Spanje tot stand kwam. De inhoud van deze wet deed mij denken aan de nota ‘Onder Anderen’ die ongeveer in 1993 (Nota Tweede Kamer, 1992) in Nederland in de Tweede Kamer aangenomen werd, waarin gepleit wordt voor een samenhangend stelsel van ambulante voorzieningen voor psychiatrische patiënten. Er lijkt sindsdien echt een sociaal psychiatrische beweging in Spanje te zijn. Dat was te voelen aan het gloedvolle betoog van Abelgardo Rodriguez González. Hij betoogde, dat het systeem van geestelijke gezondheidszorg en het systeem van sociale voorzieningen geïntegreerd moeten zijn, omdat de sociale noden van psychiatrische patiënten doorgaans hoog zijn. Hij toonde dia’s van snel in aantal groeiende centra voor arbeidsrehabilitaties, psychosociale rehabilitatie, woningen en pensions en familie-educatieprogramma’s. Opvallend was dat zoveel patiënten aan het werk kwamen: 50%!! Ik vroeg mij af hoe hij het hem lukte dit plan zo voortvarend uit te voeren. Vallen de twee systemen allebei onder de gemeente Madrid, is daarom de dynamiek minder taai dan in Nederland waar zoveel spelers op dit gebied zijn? De reader bracht niet zoveel uitkomst. Zijn functie is psycholoog  en technisch verantwoordelijke voor het plan van aanpak voor de tot standbrenging van sociale voorzieningen voor personen met een ernstige chronische psychiatrische ziekte van de “direction general de servicios sociales. Consejeria de familia Y asuntos sociales de la comunidad de Madrid ‘.  Ik vroeg het aan een medecursist, maar die kwam uit Barcelona en hij maakte mij duidelijk dat het in iedere provincie van Spanje weer anders is.
Een ontdekking voor mij was de lezing van Prof dr. Christian Gold van de universiteit van Bergen over muziektherapie. Ik wist niet, dat naar deze vorm van behandeling zoveel degelijk onderzoek was gedaan in de vorm van RCT’s! Muziektherapie verbetert vooral de negatieve symptomen, depressie  en het functioneren. Het effect is groter naarmate er meer zittingen zijn. Ook als muziektherapie wordt vergeleken met andere vormen van persoonlijke aandacht is er een verschil in het voordeel van de therapiegroep. Er zijn ook verschillen tussen therapeuten: focussen op wat de patiënt wel kan en het niet uit de weg gaan van negatieve emoties is beter. Patiënten zelf zeggen erover dat ze zich als persoon meer gekend voelen en het prettig te vinden iets wel goed te kunnen.
Professor dr. Christopher Keats gaf veel informatie over een belangwekkend historisch experiment: de psychoanalytische behandeling zoals die in de jaren 70 gegeven werd op Chestnut lodge. Chestnut Lodge was een particuliere kliniek. Ouders moesten 100.000 dollar betalen om hun kind daar meer dan vijf jaar behandeling te laten ondergaan en dan zou het misschien toch niet helpen. De aanmeldingen bestonden dan ook uit
patiënten die al diverse vergeefse behandelingen achter de rug hadden.  Bekend is Frieda Fromm-Reichman, de analytica die de hoofdpersoon uit “ik heb je nooit een Rozentuin beloofd’  behandelde. Zij paste de analytische therapie aan aan wat zij dacht dat psychotische patiënten nodig hebben. De analytische therapie die zij ontwikkelde had als kenmerk dat de houding veel directer was en veel opener, dan gebruikelijk in deze school. De medicatie werd het eerste halve jaar afgebouwd, omdat men dacht dat die de therapie in de weg stond. De staf/patiënt ratio was hoog: een assistent had maar enkele patiënten. Prof. Keats had hier als arts-assistent gewerkt, want hij was zeer onder de indruk van Harold Searles die op een wonderbaarlijke manier contact kon maken met ernstig psychotische patiënten. Het was er hectisch, de urine van een regressieve patiënt droop door de vloer naar een verdieping beneden en een keer vermoordde een patiënt een andere patiënt. Thomas McGlashan deed een uitgebreid vervolg-onderzoek. Dit was heel teleurstellend. Slechts met een op de drie patiënten ging het beter. Wayne Fenton heeft toen het initiatief genomen de behandeling aan te passen. Er werd meer gedragstherapeutisch behandeld, medicatie werd ingevoerd, en de familie, die eerst als bron van pathologie gezien werd - de term ‘schizofrenogene moeder’ is van Fromm-Reichman -, kreeg nu psychoeducatie. Maar Keats heeft er wel een en ander geleerd: een boodschap die hij onthouden heeft is van een leermeester die zei dat hij nog nooit geslagen was  behalve die ene keer toen hij niet groette maar doorging met de planten water geven. Persoonlijk aanwezig zijn - dat was goed voor de relatie tussen patiënt en therapeut. Dit zette hij voort in zijn eigen praktijk. Hij had de ervaring dat patiënten meer gevoelens konden beleven bij het voortschrijden van de therapie. De zorgverzekeraars kon hij moeilijk overtuigen, want de patiënten kwamen niet aan het werk en gingen ook niet meer zelfstandig wonen.
De rij werd gesloten door collega’s uit de Scandinavische landen. Professor Klaus Lethinen heeft met Yrjo Alanen(1988) de ‘needadapted treatment’ in Finland opgezet.  Patiënten en hun gezinnen worden vanaf de eerste crisis door een vast team begeleid en krijgen al naar behoefte een keur aan therapieën. Een zorgprogramma avant la lettre. De kern van zijn verhaal: patiënten vallen uit ‘de rivier van de alledaagse interactie’ en dreigen in de ‘kreek van de patiënten’ te vallen. Belangrijk is het ontwikkelen van een gezamenlijke taal om het contact weer te herstellen en therapie op de plek waar het probleem zich bevindt.
Professor Johan Cullberg uit Zweden gaf een uitgebreide verhandeling gebaseerd op zijn jarenlange ervaring met persoonlijke gesprekken met psychotische patiënten en de evaluatie van het Parachute Project. Zijn drijfveer is persoonlijk. Hij had zijn oudere broer naar een psychiatrische inrichting moeten brengen alwaar hij afschuwelijk behandeld was met vele elektroshocks en insuline shocks. Hij gaf een uitvoerig resumé van wat patiënten in de verschillende stadia van hun ziekte beleven en bij wat voor behandeling ze dan baat hebben. Ik verwijs hiervoor naar zijn laatste verschenen boek (Cullberg, 2006).Het Parachute Project heeft dezelfde karakteristieken als dat van Alanen met als bijzonderheid dat de patiënten niet naar opname-afdelingen gaan, maar naar kleinschalige huiselijke voorzieningen als ze erg psychotisch zijn. De medicatie kon dan laag zijn: ook benzo’s maakten dat de dosis van de antipsychotica naar beneden kon. Het verschil met patiënten die in een andere streek wel in opnameklinieken waren opgenomen was, dat de GAF later gemiddeld 60 was in plaats van 50.
Wat is nu de algemene indruk? Wat is nu een goed contact met psychotische patiënten? Bij en muziek- en creatieve therapie heb ik de indruk dat dit een veilige manier voor de patiënt is om ook heftige emoties te kunnen uitdrukken, zonder dat de relatie schade leidt. Bij verbaal contact is de persoonlijke betrokkenheid, het aanwezig zijn belangrijk. En wat voor effect het heeft? Een deelnemer uit de zaal gaf het volgende commentaar op Keats: misschien is het wel veel belangrijker verdriet te kunnen beleven dan om te werken? Op deze vraag kunnen de patiënten zelf het beste antwoord geven.

Literatuur:

Alanen, Y. O. (1988). Schizophrenia, its origins and Need-Adapted Treatment. Londen: Karnac Books.
Cullberg, J. (2006). Psychosis, an Integrative Perspective. Routledge.
Nota 2e kamer (1992). Onder Anderen, Geestelijke gezondheid en geestelijke gezondheidszorg in maatschappelijk perspectief (Rep. No. 310314). SDU.

 Open Dialogue

Op 31 mei en 1 juni 2007 organiseerde de opleiding Familietherapie van Leuven in samenwerking met ISPS-Netwerk Nederland Vlaanderen een studiebijeenkomst met Jaakko Seikkula in het Universitair Centrum Sint Jozef te Kortenberg. Seikkula is een Finse systeemtherapeut die werkt in de narratieve richting, en die tevens voorzitter is van ISPS Finland. Hij sprak de eerste dag specifiek over psychose, de tweede over zijn "open dialoog"-benadering. De open dialoog benadering is onderdeel van Seikkulaa’s aanpak bij psychotische patiënten. In plaats van verslag van de dag vindt u in de bijlage een viertal publicaties van Seikkula. Daaronder is een effect-studie met erg goede resultaten, naar Seikkula meldde volgens Helm Stierlin de beste ooit gepubliceerd.

Van het bestuur

Het jaar 2007 is een jaar van consolidatie geweest, waarin de activiteiten vooral gericht zijn geweest op een zo goed mogelijke verspreiding van de ervaringen opgedaan op het jubileum Congres van ISPS in juni 2006 in Madrid. In de vorige Nieuwsbrief vond u de bijdragen hierover van verschillende ISPS-leden. Dirk Corstens heeft een verslag gepubliceerd in het Maandblad Geestelijke Volksgezondheid (nummer 62[2007]). Het Tijdschrift voor Psychotherapie van januari a.s. zal een verslag bevatten van Jan Leijten op basis van de bijdragen, die eerder in deze nieuwsbrief verschenen. Daarnaast zal uitgeverij Garant binnenkort een bundel over psychotherapie bij psychosen publiceren met bijdragen vanuit ISPS-Netwerk Nederland-Vlaanderen onder redactie van Jos de Kroon. De titel zal zijn: ‘Werken met psychotici’. Daarmee zal het eerste boek van ons Netwerk een feit zijn.
De activiteiten van het bestuur hebben daarnaast vooral bestaan op bezinning op de positie en de mogelijkheden van ons netwerk binnen ISPS. De conclusie is, dat de beperkte beschikbare menskracht met name gericht moet worden op het periodiek organiseren van bijeenkomsten, waarin – zo mogelijk met deelname van ISPS-coryfeeen uit het buitenland – collega-GGZ-medewerkers in contact worden gebracht met de kennis die binnen ISPS leeft. Na de voorgenomen conferentie in Kortenberg in oktober 2008, zal een bijeenkomst op dergelijke schaal georganiseerd worden in Nederland.
Vanwege het beperkte aantal activiteiten, de eerder gebleken beperkte opkomst en het relatief grote tijdsbeslag van het bestuur achtte het bestuur het aangewezen dit jaar geen ALV te houden.
De beperkte menskracht vloeit er ook uit voort, dat de vacature in het bestuur van Dion van Werde uit Gent nog niet vervuld is kunnen worden. Het bestuur roept belangstellenden uit Belgie van harte op zich hiervoor kandidaat te stellen.
Ook leden, die graag een bijdrage willen leveren aan het organiseren van activiteiten voor het netwerk worden van harte uitgenodigd zich te melden bij het bestuur. De volgende open bestuurvergadering vindt plaats op 27 febr 2008 in Antwerpen.
Het bestuur is in overleg met ISPS over de mogelijkheid het Nederlands/Vlaamse deel van de website van ISPS www.isps.org rechtstreeks vanuit het netwerk Nederland-Vlaanderen te kunnen bewerken. Dat geeft betere mogelijkheden u en andere belangstellenden te informeren.
Omdat het bestuur u in het afgelopen jaar minder dan in andere jaren heeft kunnen bieden en omdat de kas van de vereniging – voornamelijk aangelegd voor het kunnen organiseren van bijeenkomsten – voldoende gevuld is, heeft het besloten over het jaar 2008 geen contributie te heffen.
Tenslotte wenst het bestuur u goede feestdagen en het beste voor het nieuwe jaar toe.